maandag 1 augustus 2011

Eigenwijs? Hoezo?

Img099RR Elke ervaren genealoog zegt het: begin je onderzoek dicht bij huis. Vraag je directe familieleden naar verhalen, familieberichten en foto's. Kijk op zolder of daar misschien het trouwboekje van je ouders ligt, je eigen geboortekaartje, de trouwkaart van je broer, blaas het stof van dat vooroorlogse album en vraag aan je oude oom wie er op die vergeelde foto's staan.

Breng alles in kaart en teken je eerste heuse stamboom. (Natuurlijk zegt niemand dat je op dat moment verslaafd zult zijn aan het verder en dieper graven in de familiehistorie.)

Nu ben ik, net als de meeste leden van mijn familie, als kind in een bak met eigenwijsheid gevallen. Het is met mij nooit meer goed gekomen. Toen ik ruim zes jaar geleden aan dit karwei begon, deed ik dat aanvankelijk braaf zoals boven beschreven. Mijn vader had al eens het een en ander uitgezocht, dus een beginnetje had ik al. Wat ik verzuimde, was bij de familie te vragen naar aanvullende informatie. Ik was zo verrukt van al het moois dat online te vinden is, dat ik zelfs dacht geen persoonlijke aanvullingen nodig te hebben.

Hoe ernstig kun je je vergissen. Enkele weken geleden werd ik verblijd met een uitnodiging voor de viering van een van mijn drie nog in leven zijnde tantes. Een zuster van mijn moeder werd 85 jaar en voor die gelegenheid hadden haar kinderen een schitterende locatie afgehuurd in het hartje van Schiedam. De mooie oude zaal in het voormalige raadhuis vulde zich vroeg in de middag met kinderen en kleinkinderen met 'aanhang', buren en ex-buren, vrienden en vriendinnen, lang niet geziene nichten en neven plus de drie tantes.

De oudste van mijn drie tantes is inmiddels de 90 gepasseerd. Zij is getrouwd geweest met de broer van mijn moeder, en ik ken haar eigenlijk niet xe9cht goed. We sturen elkaar een kaartje met de kerst en dat is dat. De jongste tante is, net als de jarige, een zuster van mijn moeder. Zij gaat flierefluitend door het leven en kijkt niet om. Als je haar iets vraagt over 'vroeger', dan zal ze, net als mijn eigen moeder indertijd, iets zeggen als: 'Gut, dat zou ik niet meer weten hoor,' dus als bron van inlichtingen over de familiegeschiedenis heb je daar ook niet zo veel aan.

Maar de jarige zelf is van nature, net als ik, vrij spraakzaam. Ze heeft een geheugen als een ijzeren pot en is rotsvast overtuigd van het belang van vastleggen voor het nageslacht. Toen ze me daar, met een blos van opwinding op haar verbazingwekkend rimpelloze wangen, in het vizier kreeg, riep ze me met licht Schiedamse tongval toe: 'Meid, An, wat leuk dat je er bent, wanneer kom je nou eens een kopje thee bij me drinken?'

Tsja zeg, toen heb ik natuurlijk meteen een afspraak gemaakt. Afgelopen maandag stond ik voor haar deur, waar ze al achter stond te wachten, zo leek het. Ik kwam binnen om half elf 's ochtends en vertrok weer om half zeven 's avonds, vol familieverhalen in mijn hoofd, haastte me naar huis om alles op te schrijven en zo te zorgen dat ik niets zou vergeten. Toen ik wegging spraken we af om de sessie heel snel voort te zetten. Ik wil alles weten en zij wil alles vertellen, een ideale combinatie.

Gisteren was ik er al weer, gewapend met afdrukken van twee foto's. Een ervan, een gezinsportret gemaakt ter gelegenheid van opa en oma's twintigste huwelijksverjaardag stamde uit 1932*). Tante was die foto lang geleden kwijtgeraakt en wist 'm goed te beschrijven zodat ik meteen begreep welke ze bedoelde. Ik had gelukkig een afdrukje van mijn moeder gexebrfd, maar wat ik op mijn beurt tot deze week weer niet wist, was wannxe9xe9r de opname gemaakt was.

Oma Putter-de Kok portretje R De tweede foto was er een van haar moeder, mijn oma dus, op 16-jarige leeftijd. Oma werkte destijds op de kaarsenfabriek Apollo in Schiedam. Op een zonnige dag is er van oma en een handvol van haar collega's een foto gemaakt voor de ingang van de fabriek. Alle meisjes dragen een lange witte jurk en witte schort, de haren naar de mode van die tijd (1906) losjes opgestoken. Ze hebben verschillende attributen voor het maken van kaarsen in hun handen; mijn oma houdt met beide handen een pakketje kaarsen vast.

Oma Putter-de Kok met kaarsen Oma was niet blij met de foto, ze vond dat ze er niet mooi genoeg op stond, verscheurde driftig het dikke karton zodra ze thuisgekomen was en gooide de stukken in de prullenmand. Haar moeder, mijn overgrootmoeder dus, schrok en viste de grootste stukken er weer uit om ze netjes in een envelop in een lade te bewaren. Op de een of andere manier zijn ze via mijn moeder bij mij terechtgekomen. Nu heb ik de foto gescand, het stuk waar oma op staat uitgesneden (digitaal hoor) en vergroot en daarna hetzelfde nog eens gedaan met haar hoofd. Dat hoofd heb ik een heel klein beetje gephotoshopt om de ergste krasjes en stofjes te verwijderen en het resultaat is een allerliefst portretje van een eigenwijze tiener.

Gelukkig kunnen mijn tante en ik de foto wxe9l waarderen. Als dank kreeg ik van mijn tante het trouwboekje van haar vader en moeder, een militair zakboekje van haar vader met bijlagen en een gebedenboekje uit 1902, gewijd aan de H. Antonius van Padua, dat aan mijn oma moet hebben toebehoord.

Mijn dag kan niet meer stuk. Binnenkort ga ik wxe9xe9r terug, voor nog meer verhalen. Ik neem dan het oude fotoalbum van mijn ouders mee. Misschien zit er nog iets naar mijn tantes gading tussen en misschien ook kan ze me vertellen wie er op bepaalde foto's staan. En verder is het gewoon zo gezellig, samen met tantetje op de bank thee leuten.

Ja, dit had ik veel eerder moeten doen. Die ervaren genealogen hebben helemaal gelijk.

 

*) Van links naar rechts, achteraan: tante Nel (1914-1977), mijn moeder (1912-2002), opa (1890-1972), oom Wim (1918-2003); vooraan: oma (1890-1953), tante Ans (geboren in 1928), tante Stien (geboren in 1926)

 

Aantal personen in mijn bestand: 91.880

Aantal personen met de achternaam Post: 10.401

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen